Femke Mooren Kwartet in Jazzclub Nieuw & Diep – Kleine Zaal

Altsaxofoniste en componiste Femke Mooren trad al voor de derde keer in een jaar voor het voetlicht in Den Helder. Vorig jaar mei was zij, met haar Kwartet één van de nieuwe acts, die door radiomaker Co de Kloet voor zijn InJazz Radio bij Jazzclub N&D geïntroduceerd werd aan het publiek.

Zij behoort tot een nieuwe lichting jazzmusici, die door de vaderlandse conservatoria worden klaargestoomd voor de toekomst. In haar geval het Rotterdamse Codarts, waarover zij ook – zo bleek tijdens haar optreden – veel te vertellen had.

Zij opende het concert met een stuk over de Hoeksteeg, waar zij woonde tijdens haar studietijd. Het stuk, direct beginnend met een intro op de contrabas van het nieuwe bandlid Sulan Maharsan, die haar vaste bassiste Eva Serrano verving, die ook een eigen groep was begonnen.

Mooren zette vervolgens het leidende thema in, dat hierna overging in een korte solo. Haar klank en toonvorming is heel delicaat. Helder en mooi van klank. Maharsan vervolgde met een bassolo. Hij speelde het hele concert direct vanaf partituren op zijn laptop voor hem, die hij ook steeds moest intoetsen voor een nieuwe pagina. Wellicht dat zijn bijdragen mij daarom soms wat onrustig leken. Toch bleek hij een prima speler te zijn.

In het derde stuk ontbolsterde zich een fijne bebopswing, waarin ook zijn ritme-partner, drummer Laurens Buijs zich kon onderscheiden. Naast uiteraard een solo van Femke, kreeg nu ook de Britse pianist Barry Green ruimte voor solistische escapades. Ook hij is een vers lid van het Kwartet en bleek een prima instrumentalist, die zijn solopartij subtiel opbouwde en beheerst afrondde.
Oude Baan was ‘een liedje’, dat Mooren geschreven had voor haar oma. Het bleek een ballad, met Buijs op de brushes, met een fraai melodisch thema op de altsax, met mooi geplaatste ondersteunende piano-akkoorden van Green.

Haar ‘andere oma’ werd geëerd met Nellie, een compositie die – zoals ze toelichtte vrolijk van aard zou moeten zijn, ‘zoals zij ook was’. Het bleek ook inderdaad een opgewekt stuk te zijn met vrolijk springerige drums, waarin Buijs met lekker losse roffels een huppelend ritme produceerde waarop sax, piano en bas fijn konden soleren. Een prima afsluiting van een aardige set.

Het tweede bedrijf begon met een vrij lange introductie van Mooren over het door haar ervaren lief en leed op het conservatorium, waarop na elk schooljaar weer afscheid genomen moet worden van medestudenten, die ook vrienden waren geworden. Goodbye heette het betreffende stuk dan ook.

Het titelstuk van haar eerste album Mora kreeg ook de nodige duiding: Mora – afgeleid van haar naam en waarschijnlijk met een link naar de reclamespotjes – was een door haar als scheldwoord begrepen bijnaam, die ze had gekregen van een medestudent, waarmee ze ruzie had gehad. Tja, lief en leed op school. Gelukkig bleek het liedje voor haar een positieve therapeutische uitwerking te hebben. Green droeg er met een mooie solo vast aan bij.

Ook het volgende liedje was in mineur gedrenkt, wederom afscheid op school en wel in September, ook weer een ballad, langzaam en weemoedig met een mooi unisono gespeeld einde van altsax en contrabas.

Femke noemde haar composities meestal liedjes en inderdaad – ik kon zo meezingen op de melodie: ‘het regende in september’. Het concert kabbelde nu toch wel lang door en het viel mij op dat de composities wel erg eenvormig waren en de solo’s inwisselbaar en ook ingehouden. In het juryrapport van de door haar ontvangen prijs van het Prinses Christina Concours, werden juist haar compositorische kwaliteiten geprezen. Wat mij betreft mag zij daar toch wel wat meer aandacht aan besteden. Meer variatie en eigenzinnigheid kan haar muziek wel gebruiken. Het was natuurlijk ook jammer dat ze geen goed ingespeelde band om zich heen had. Er was zodoende niet echt sprake van grote interactie tussen de musici, zoals we die onlangs wel zagen hoorden bij het Loek van den Berg Quintet.

El Lugar Correcto, het volgende lied met als achtergrond haar onzekerheid tijdens de studie, bleek gelukkig toch enige – broodnodige – pit te hebben. Opgestuwd door een felle bas- en drumpartij kon zij losgaan op haar sax, evenals haar partner op piano. Toch ook hier niet een door mij gehoopte climax. Ga ’s over de rand, zou ik haar willen toeschreeuwen.
Het Kwartet sloot het concert af met Mis Amores, dat gelukkig niet ‘intens droevig’ bleek te zijn, maar een heerlijke swing in de hoogste versnelling en een spetterende drumsolo. Wat meer hiervan graag Fermke!
